JONGKIND en zijn KUNSTZINNIGE buren

Foto Hoogstraat Vlaardingen uit 1886

Collectie Stadsarchief Vlaardingen

Zo moet de Hoogstraat er ongeveer uit hebben gezien toen Jongkind hier woonde. De foto is weliswaar 50 jaar later gemaakt en sommige huizen waren toen alweer afgebroken en er verschenen weer nieuwe andere huizen op die plek, zoals je kunt zien meerdere malen gebeurt in de geschiedenis. Dit is de vroegste foto die we hebben van deze plek. 

 

Als we willen weten hoe het er daarvoor uitzag in de steden moeten we terug naar schilderijen. Daarom is het werk van kunstenaars een belangrijke bron van informatie. Jammer is dan weer de vrijheid waarmee kunstenaars schilderden, waardoor dingen historisch gezien niet altijd kloppen. 

 

Wat we wel zeker weten is dat toen Jongkind hier woonde als jongen van 14 jaar, hij twee kunstzinnige buurmannen had. Een jongen van zijn leeftijd, Arij Pleijsier en een volwassen man, Pieter Kikkert. 

 

Hieronder stellen we de beide heren voor:  

Foto Arij Pleijsier in 1870

ARIJ PLEIJSIER

Arij Pleijsier is geboren op 16 april 1819 geboren in een welgesteld gezin in Vlaardingen. Arij is dus maar 2 maanden ouder dan Jongkind. Arij zijn vader had een succesvol metselaars-/ aannemingsbedrijf welke hij combineerde met het boekhouderschap van enkele buizen of hoekers.

Hoewel zijn ouders niks met kunst hadden, mocht hij in 1833, op veertienjarige leeftijd zijn leertijd als huisschilder startten. Kunstenaar worden was in die tijd nog niet een echt gewaardeerd beroep, maar huisschilder was een keurig ambacht waar zijn ouders zich in konden vinden.

Van huisschilder tot kunstenaar

In 1835 ging Arij Pleijser als decoratieschilder in de leer bij Abraham van Eldik, een Rijswijkse rijtuigschilder. Als het werk voorbij was, oefende hij zich in het kopiëren van schilderijen van Rubens en Van Dijck.

Een jaar later verruilde hij Rijswijk voor Rotterdam, waar hij bij Gerrit Malleyn in dienst ging, een rijtuigschilder die ook kunstschilder, gespecialiseerd in het  verfraaien van interieurs.

 

In 1841 legde Arij zich geheel toe op het schilderen van kunst.  Hij oefende zich in het portretschilderen en uit die tijd dateert dan ook het technisch fraaie zelfportret in pastel, zoals op de markeringstegel te zien is.

Specialisatie in Maritieme kunst

Eén van zijn eerste opdrachten in 1841 was het vervaardigen van het titelvignet in de ‘Naamlijst der Haringschepen’, die jaarlijks in Vlaardingen werd uitgegeven.

In 1842 maakte Arij Pleijsier een reis van 10 weken aan boord van het hoekerschip van zijn vader waar zijn broer stuurman/kaptein was, de VL12 ‘Prins Willem Frederik Hendrik’. Hij maakte onderweg vele schetsen.

De schetsen die  hij later uitwerkte in schilderijen verkochten goed.

 

Vanaf dat moment gaat Arij Pleijsier zich geheel aan de maritieme kunst te wijden.

Het zelfvertrouwen van autodidact Pleijsier groeide, zodanig dat hij het aandurfde de Koninklijke familie zijn schilderijen aan te bieden. Met succes, en vele andere koningshuizen volgden.

Pleijsier woonde het overgrote deel van zijn leven in Rotterdam en werd lid van kunstenaarskring Pulchri in Den Haag. Later, toen hij in 1852 naar AMsterdam vertrok, werd hij ook lid van de Amsterdamse kunstenaarskring Arti et Amicitiae, waarmee hij zich onder gerenommeerde kunstenaars bevond. Ook Jongkind was lid van Arti et Amictiae.

Uit verschillende brieven geschreven door Johan Barthold Jongkind weten we dat Arij en Jongkind altijd contact hebben gehouden met hun schoolvriendje uit de periode 1821 -1834.

______________________________________________________

Arij Pleijsier mag zichzelf meten met andere maritieme schilders van de Hollandse romantiek en tijdgenoten zoals Hulk, Schotel, Dreibholtz, Meijer en H. Koekoek sr.

Werk van Arij Pleijsier bevindt zich in belangrijke collecties, zoals het Rijksmuseum, Museum Boijmans-Van Beuningen, Het Scheepvaartmuseum, het Maritiem Museum Rotterdam, de Engelse Koninklijke collectie en Museum Vlaardingen.

Pasteltekening van Pieter Kikkert door J.A.M. Haak

(Collectie Stadsarchief Vlaardingen)

PIETER KIKKERT

Pieter Kikkert (Leiden, 16 september 1775-1855) is 58 jaar als de jonge bijna 15 jarige Johan Barthold Jongkind naast hem komt wonen. Kikkert had een gezin met twaalf kinderen, wat hij combineerde met een drukke baan als belastinginner voor de gemeente Vlaardingen, waar hij zich ook mengde in het culturele leven.

 

In zijn latere leven hield Kikkert zich veel bezig met literatuur, theologie en politiek. Ook was hij een begenadigd kunstenaar.

 

Wellicht hebben deze kunstzinnige buren Jongkind geïnspireerd. Het is zelfs heel goed mogelijk dat zowel Arij Pleijsier als Jongkind tekenles van Kikkert hebben gehad. Misschien wel op de parochieschool van de Hervormde kerk, of gewoon bij hem thuis aan de keukentafel.  

 

 

Tegenwoordig vind je de etsen van Pieter Kikkert in het Rijksmuseum en Museum Boijmans.

Weetje:

Portret in pastel

Het hier bovenstaande portret is pas in 1891, dus ver ná het overlijden van Pieter Kikkert in 1855, vervaardigd door kunstschilder Johannes Andries Marinus Haak, echtgenoot van Pieters kleindochter Johanna Petronella Kikkert.’